From the blog

Even praktisch: hoe studeer je met een metronoom?

Voor iedereen die nog nooit met metronoom gespeeld heeft wil ik de tip geven om eerst de metronoom eens aan te zetten en dan tegelijk met het tikje van de metronoom 1 toon te spelen. Je kunt beginnen door mee te tellen (hardop of in je hoofd) of door in je handen klappen, op de grond stampen of de lopen. Het gaat er om dat je eerst leert te herkennen hoe regelmatig een metronoom is en dat je het tempo van de metronoom over kan nemen. Het heeft geen zin om veel noten te willen spelen als je niet eerst 1 noot tegelijk met de metronoom kan spelen.

Lukt het je om tegelijk te spelen met de metronoom? Pak dan eens een ander tempo (sneller of langzamer) en doe dezelfde oefening. Over het opvoeren van de snelheid: begin met twee of drie tikjes per keer te verhogen. Hierdoor kun creëer je een geleidelijke overgang. Voor een echte uitdaging maak je een groot verschil in tempo en probeer je vanaf het eerste moment dat je meespeelt meteen goed in het ritme te zijn (voorbereiding is hier noodzakelijk: tel eerst mee voordat je begint te spelen!).
Voor de een is deze oefening gemakkelijk, de ander zal er al een hele klus aan hebben om dit vol te kunnen houden. Bedenk wel altijd: bij een snel tempo kan het zijn dat je technisch nog niet mee kan spelen met de tikjes. Kijk dus altijd of het aan je techniek ligt, of omdat je het moeilijk vind om de regelmaat van de metronoom vol te houden.

Wanneer je op een paar verschillende tempi kan spelen ga je eens proberen om een toonladder te spelen waarvan iedere noot tegelijk komt met een tikje van de metronoom. Ook dit kan lastig zijn met de techniek, dus kijk eerst of je techniek goed is voordat je de metronoom de schuld geeft.

Nadat je tegelijk kan spelen met de tikjes ga je oefenen op het na de tikjes spelen. Om te beginnen zet je de metronoom op een rustig tempo en speel je per tikje van de metronoom twee noten, eentje op de metronoom tik en de ander tussen twee tikjes in. Dit kunnen in eerste instantie dezelfde noten zijn, later kun je wisselen naar een toonladder of oefening. Als je dit vol kan houden kun je ook weer het tempo opschroeven.
Volgende stap is om 3 of 4 noten per tikje te spelen… kun je dit ook regelmatig doen?

Nog moeilijker kan het zijn om juist ná de tik te spelen. Verdeel in gedachten de tikjes in tweeën (zoals je ook zou doen als je 2 noten per tikje zou spelen) en speel dan alleen de noot die niet op het tikje komt. Kun je dit volhouden? Probeer hetzelfde dan eens door de tikjes van de metronoom in 3-en te delen en alleen de laatste twee te spelen (of nog moeilijker: alleen de derde van de drie).

Wanneer het je lukt om losse noten met een metronoom mee te spelen kun je eens beginnen met het doen van oefeningen met de metronoom. Toonladders of koste oefeningen die zichzelf steeds herhalen zijn hiervoor erg geschikt. Let daarbij op dat er geen technische moeilijkheden in zitten die je nog niet beheerst: het gaat om het studeren met metronoom, niet om het studeren van technische vaardigheden.

2 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *